Over mij

Mijn foto
De Brabant-Collectie is in 1837 in 's-Hertogenbosch opgericht door het Provinciaal Genootschap van Kunsten en Wetenschappen in Noord-Brabant en wordt sinds 1986 beheerd door de bibliotheek van de Universiteit van Tilburg

zaterdag 14 april 2018

Gastelse kermis in 1907

Nu de kermis in Oud Gastel nog in volle gang is, gaan we terug in de tijd met een aantal stereofoto's uit 1907 van deze festiviteit. Van oorsprong is een kermis een jaarmarkt ter gelegenheid van de wijdings- of feestdag van de parochiekerk. Het woord is een verbastering van kerkmis of kerke-misseIn Oud Gastel vond tot 1930 de kermis plaats rond 10 augustus: de feestdag van Sint-Laurentius, patroonheilige van de plaatselijke parochiekerk. Aanvankelijk duurden de festiviteiten zes dagen, later is dat teruggebracht naar drie dagen. Op de Markt stonden attracties als de draaimolen en schiettent. Kramen met snoep, speelgoed en snuisterijen vormden vanaf de Markt een lange rij tot voorbij het postkantoor in de Dorpsstraat.
A.M.B. Smulders (Sint-Michielsgestel 1867 - Oud Gastel 1923), de maker van de foto's uit onze collectie, was van 1902 tot zijn dood notaris in Oud Gastel. In de periode 1907-1909 was hij een fanatieke amateurfotograaf en maakte vele opnames, onder andere van zijn woonplaats. Toen hij merkte dat zijn werk hier onder ging lijden, is hij vrij abrupt met fotograferen gestopt. Hieronder een foto van Smulders met zijn vrouw Maria Theodora Aelberts op het notariskantoor, wellicht gemaakt met een zelfontspanner.


De volgende stereofoto geeft een mooi overzicht van bovenaf op de kramen en het volk dat op de been was.


Jong en oud liep langs de kramen op de Markt. Hieronder is op de achtergrond het raadhuis en een gedeelte van de Sint-Laurentiuskerk te zien.


Smulders woonde in Dorpsstraat 4, de straat waar ook de kermiskramen stonden. Mogelijk heeft hij de volgende vier foto's, alle genomen vanuit een vrijwel identiek standpunt, vlakbij zijn huis gemaakt.


De twee vrouwen op bovenstaande foto zijn de schoonzuster en de moeder van burgemeester Mastboom, respectievelijk Julia Brosens en mevr. M. Mastboom-Gillis. Familie Mastboom behoorde ruimt twee eeuwen tot de elite van Oud Gastel. Henri Mastboom heeft de negatieven en stereoscoopafdrukken van weduwe Smulders en een andere verwante van de notaris na diens dood ter inzage gehad (zie verder: Mastboom en de 'Groote oorlog' van J.M.W. Hopstaken, pag. 95 e.v. in Jaarboek 74 De Ghulden Roos).

De
jongens met strooien hoed op de volgende foto zijn Walter en Anton Danis. Over deze jongens is weinig informatie te vinden, maar in de online collectie stereofoto's van Smulders bij het West-Brabants Archief vinden we ze vaker terug. En wel samen met de jongens Jan Mastboom en Stan de Bie, zoon van notaris De Bie uit Zundert. We mogen aannemen dat genoemde families elkaar kenden en bevriend waren.


De broertjes Danis staan ook op onderstaande foto, links in beeld. Bij de kraam, in het midden, een vrouw met een Thoolse muts.


De laatste foto toont dezelfde kraam met speelgoed. Op de voorgrond een onbekende jongen, die met verbaasde blik frontaal in de camera kijkt.


Helaas kan de dieptewerking van deze stereofoto's in dit blog niet weergeven worden; daarvoor is een speciale stereoscoopkijker nodig. Stereofotografie kende in de negentiende en twintigste eeuw een aantal populariteitsgolven. Het begon mei 1851 in Engeland met koningin Victoria; zij raakte tijdens de Eerste Wereldtentoonstelling verrukt van de driedimensionale beelden. Al snel groeide deze bijzondere vorm van fotografie daar uit tot een ware rage. De foto's werden gemaakt met een speciale stereocamera met twee identieke objectieven. Stereokaarten werden in grote oplagen gedrukt en waren, evenals een bijbehorende stereoscoopkijker, redelijk betaalbaar. Door de voortschrijdende techniek konden stereokaarten steeds eenvoudiger en goedkoper worden geproduceerd. Daarnaast kwamen er complete systemen op de markt, waardoor ook amateurs dergelijke foto's konden gaan maken. Rond 1914 was stereofotografie onder amateurfotografen zo populair, dat er bijna evenveel stereo- als gewone camera's in gebruik waren. In het kielzog van de stereofilm volgde nog een kleine opleving van de stereofotografie rond 1955.

Meer foto's van de Gastelse notaris Smulders zijn te vinden op de beeldbank van het West-Brabants Archief.

maandag 2 april 2018

Het leven is de grootste kunst. De Brabantse kunstschilder Jan Kruijsen (1874-1938)


Eind 2017 verscheen een mooie biografie van Frank van Doorn over de even kleurrijke als arme Brabantse kunstschilder Jan Kruysen. In dit rijk geïllustreerde boek wordt een actueel beeld geschetst van het leven en werk van deze schilder. Kruysen, geboren in 1874 te Liempde, groeide op in Boxtel en Lennisheuvel. Hij was een autodidact en legde zich toe op het schilderen van landschappen, portretten en religieuze voorstellingen. Zijn missie was ‘oprechte’ kunst te maken. De basis daarvoor was zijn eerbied voor het boerenleven, zijn gelovigheid en zijn liefde voor het Brabantse land. Hij leefde in armoede, maar ondanks dat was hij een levensgenieter met een eigenzinnige kijk op de wereld. Kruysen overleed in 1938 te Eindhoven. Frank van Doorn, historicus en bestuurslid van Heemkundekring Boxtel, poogt in zijn boek een antwoord te krijgen op een aantal vragen: Wie was Jan Kruijsen, hoe zag zijn werk eruit en op welke manier kunnen we daar naar kijken? Jan Kruijsen heeft ongeveer 3.500 schilderijen gemaakt. Een deel van zijn werken is te zien in Museum Kruysenhuis te Oirschot.
Vindplaats: BRA J3 DOOR 2017

dinsdag 27 maart 2018

Wensbrieven

Sinds jaar en dag sturen we elkaar bij allerlei gelegenheden wensen. Halverwege de 18e eeuw was het bij de gegoede burgerij al traditie om wens- en kermisbrieven te versturen of te schenken. Deze wensen werden door kinderen zo fraai mogelijk op voorgedrukt papier met sierranden geschreven en persoonlijk aangeboden aan familie of bekenden. Bij gelegenheid (Nieuwjaar, verjaardag, huwelijk) werden ze ook door de kinderen voorgelezen. Voor dit fraaie werkje ontving het kind in kermistijd een (geldelijke) beloning.
De geadresseerden (de ouders) bekostigden deze decoratieve prenten. Voor de tekst werd de hulp van de onderwijzer ingeroepen of men maakte gebruik van voorbeeldboekjes. De vaak deugdzame en moralistische verzen zijn veelal afkomstig uit bundels. Hierin bevinden zich kant-en-klare lofdichten voor verjaardagen, bruiloften, jubilea etc. De onderwijzer schreef 
in zijn fraaiste handschrift de tekst op rijm voor de kleine kinderen. Oudere kinderen voerden de voorbeeldteksten in schoonschrift zelf uit. Mengvormen kwamen ook voor. Soms werd de wensbrief ingelijst en aan de muur gehangen. Dit drukwerk wordt onder de ‘volkskunst’ geschaard.
Meestal verzorgden de drukkers zelf de uitgave van deze voorgedrukte prenten. Hun naam vermeldden ze vaak onderaan het vel bij wijze van reclame. De decoratieve kransen met voorstellingen werden gedrukt op vergépapier met watermerk. Het betreft hout- of kopergravures en later (in de 19e eeuw) lithografieën. Het formaat is ca. 42/43 x 34 cm. De vormgeving van de omlijstingen volgt de mode van de tijd: classicisme, romantiek en biedermeier.

De Brabant-Collectie bezit 5 onbeschreven wens- en kermisbrieven. Het middengedeelte is blanco en daaromheen is een fraaie sierrand aangebracht met religieuze of genretaferelen. Degene die de wens verstuurde of schonk, kleurde het met de hand in (waterverf).

Onderstaande drie wensbrieven zijn voorzien van een uitgeversadres:

Gedrukt by de Erve de Weduwe J. van Egmont: op de Reguliere Breestraat, te Amsterdam. Ze zijn in series gedrukt tussen 1761-1804 en Romeins genummerd.
Nieuwjaarsbrief, nr. I
Acht taferelen met onder meer: Annunciatie; Visitatie; Geboorte van Jezus; De engel die de herders laat weten dat Jezus is geboren; De ster die de Drie Koningen de weg wijst naar de stal; Vlucht naar Egypte; Kindermoord.
Vervaardigd door H. Numan.

Nieuwjaarsbrief, nr. II
Linksboven: Besnijdenis. Rechtsboven: Aanbidding der Koningen. Linksonder: Nieuwjaar wensen aan de deuren. Rechtsonder: IJstafereel (sleeën op bevroren gracht).
Vervaardigd door H. Numan.

Paasbrief, nr. III (met sjabloonkleuring)
Zes taferelen met onder meer Laatste Avondmaal, Voetwassing, Kruisdraging en Golgotha.
Vervaardigd door H. Numan.

De volgende twee wensbrieven hebben geen uitgeversadres.
Nieuwjaarsbrief, zonder nummer
Zes taferelen, waarvan vijf kleinere oudtestamentische scenes en onderaan een grote voorstelling met de Geboorte van Jezus. Op de voorgrond de ezel en achter de kribbe twee ossen (Aanbidding der herders).

Kermisbrief, nr. 26 (ingekleurd)
Onderaan het optrekken van de schutterij, verkoopkraam en koekhakken. Mogelijk kan deze prent toegeschreven worden aan:
Erve de Wed. Ratelband & J. de Brouwer, op de Roozegragt, Amsterdam (werkzaam 1805-1808).

donderdag 22 maart 2018

Pasen-expositie

Bij een selectie van bijzondere boeken voor een tentoonstelling over Pasen mag een missaal niet ontbreken. Een van de opmerkelijkste missalen in de Tilburgse universiteitsbibliotheek is het Luikse missaal uit 1513: Missale ad usum diocesis Leodiensis (vindplaats: TF PRE TFK E 12), gedrukt in Parijs door Wolfgang Hopyl voor de Keulse uitgever Franz Birckmann. Dit is het enige exemplaar in Nederland.
Men vermoedt overigens dat Hopyl afkomstig was uit Utrecht of Den Haag. Zijn geboorte- en sterftejaar zijn onbekend. In 1489 ging hij naar Parijs en werd daar een belangrijke boekdrukker die zelfs voor de Londense boekenmarkt drukte. Vanaf 1512 produceerde Hopyl drukwerk voor Franz Birckmann. De universiteitsbibliotheek bezit minstens acht boeken die gedrukt zijn door Wolgang Hopyl: de vroegste stamt uit 1503, de laatste uit 1521.
Het Luikse missaal werd gebruikt in het prinsbisdom Luik dat tot 1559 enorm van omvang was. Het omvatte ook het noordelijke deel van Hertogdom Brabant. Het is een foliant van 200 bladen (400 bladzijden) op geschept papier zonder watermerk en met een opvallend stugge stevigheid. Ontelbaar zijn de vele beeldende initialen (34x34 mm). Daarnaast wordt het missaal gesierd door vele fraaie houtsneden van 50x40 mm en van 100x70 mm. Vier afbeeldingen zijn zelfs bijna paginagroot (gemiddeld 272x180 mm), ook al zijn ze dan wel samengesteld uit vijf verschillende houtsneden.

Veel van de kleinere houtsneden vertonen scenes van Christus' Passie. Ook negen van de middelgrote afbeeldingen hebben te maken met het paasfeest: de Judaskus, Ecce Homo, Jezus draagt het kruis (2x), de Kruisiging (2x), de Opstanding, het Laatste Avondmaal (2x). Het zijn prachtige houtsneden van hoge kwaliteit. Helaas is in het hele boek geen enkele illustratie gesigneerd, waardoor de kunstenaar vooralsnog onbekend is.



Vrijwel middenin het missaal is een perkamenten bifolium meegebonden. Op dat bifolium zijn twee van de al genoemde vier paginagrote houtsneden gedrukt, waarvan een handgekleurde. Die laatste is te zien in de Pasen-expositie: de Kruisiging. De afbeelding valt op door de ruime hoeveelheid bloed die Christus verliest en door de duidelijk zichtbare tranen op het gezicht van Maria en Johannes de Doper. Zelfs de maan kijkt verdrietig.
De Kruisiging
Vindplaats: TF PRE TFK E 12
De eerste eigenaar is Johannes Ruijs geweest. Hij leefde in het tweede kwart van de 16e eeuw, was vermoedelijk een geestelijke en lid van de familie Ruijs uit Grave. Misschien is hij zelfs de broer van Walter Ruijs, een 16e-eeuwse dominicaan uit het vestingstadje. Johannes Ruijs liet het missaal na aan de Sint-Elisabethkerk in Grave. Uiteindelijk is het missaal overgegaan in eigendom van het klooster van de Kapucijnen van Velp.

De Pasen-expositie is te zien t/m vrijdag 20 april 2018 in de vitrine op niveau 0 bij de Brabant-Collectie.

maandag 19 maart 2018

Tijdschrift: Van den Herd

Van den Herd, het tijdschrift van Heemkundekring De Heerlijkheid Oirschot, verschijnt drie keer per jaar. Het eerste nummer verscheen in 1994. De inhoud bestaat uit artikelen en wetenswaardigheden over Oirschot en haar geschiedenis. De artikelen zijn gebaseerd op interviews, herinneringen en archiefonderzoek. De heemkundekring, opgericht in 1941, werd op 16 september van dat jaar al verboden door de Duitse bezetter. Tevens werden de bezittingen verbeurd verklaard. Pas in 1951 namen twee hoofdonderwijzers A. Schreurs en P. van der Sanden, na een bezoek aan een werkkamp georganiseerd door Brabants Heem, het initiatief tot heroprichting van de kring. Momenteel heeft De Heerlijkheid Oirschot bijna 200 leden en worden jaarlijks activiteiten georganiseerd met betrekking tot heemkunde en geschiedenis van dit Kempische dorp.
Een gewaardeerd schrijver van veel artikelen van het tijdschrift was Theo van de Loo (1925-2016), voormalig wethouder van Oirschot. Hij schreef tevens een boek over zijn herinneringen en zette zich in voor het behoud van kleine Oirschotse monumenten. Op 27 november 2016 heeft burgemeester Severijns het straatnaambord Theo van de Loopad onthuld. Clari van Esch-van Hout is van 1994 tot 2014 een belangrijk redactielid geweest. Ook nu nog schrijft ze artikelen over uiteenlopende onderwerpen voor het tijdschrift. Van haar hand verscheen onder andere de reeks "Terug naar het Oirschot van toen". Een andere bekende auteur van het tijdschrift is Hanneke van den Bogaarts-Vugts. Ze schreef onder andere de reeks "Altaren in de kerken van Oirschot", waarin reeds 19 artikelen zijn verschenen.

Het tijdschrift is aanwezig vanaf jaargang 1 (1994) tot heden en raadpleegbaar op niveau 0 van de universiteitsbibliotheek.
Vindplaats: T 09643

donderdag 15 maart 2018

'Naauwkeurige Waarneemingen' van L'Admiral

De Amsterdammer Jacob L'Admiral (1700-1770) voorzag Naauwkeurige Waarneemingen omtrent de Veranderingen van veele Insekten of gekorvene Diertjes (1774) van prachtige afbeeldingen van vlinders en andere vliegende insecten. Dit boek, vóór 1853 aangeschaft door de Genootschapsbibliotheek is later verloren gegaan. Onlangs is dit natuurhistorisch pareltje opnieuw aangekocht op een veiling.
Titelpagina
Naauwkeurige Waarneemingen omtrent de Veranderingen van veele Insekten
of gekorvene Diertjes...etc. Door wylen den Heer Jacob L'Admiral
Amsterdam: Johannes Sluyter, 1774
Vindplaats: KOD 042 N 02
Jacob L'Admiral behoorde tot een voornaam Normandisch geslacht. Samen met zijn oudere broer Jan werd hij geschoold in het maken van handgekleurde prenten door de Londense graveur en kunstschilder Jakob Christof Le Blon. Op tienjarige-leeftijd begonnen met de studie van vlinders, ontwikkelde hij zich tot een begenadigd amateur-entomoloog. Zeer nauwkeurig observeerde en tekende hij de metamorfose van eitje tot rups, van pop tot vlinder. Na een studie van dertig jaar publiceerde L'Admiral in 1740 in totaal 25 door hemzelf vervaardigde platen, die gretig aftrek vonden. Hij had de intentie meer te produceren, maar zijn aanstelling in 1750 tot ijkmeester-generaal van de Verenigde Nederlanden belemmerde dit. Na zijn dood kocht de Amsterdamse boekverkoper Johannes Sluyter de koperplaten plus de bijbehorende beschrijvingen op en maakte in 1774 deze herdruk. De Amsterdamse arts, natuuronderzoeker en uitgever Maarten Houttuyn (1720-1798) verzorgde de redactie van dit boekwerk. Tevens voegde hij de 8 platen toe die hij van L'Admiral geleend had voor de sectie over vlinders in zijn eigen uitgave Natuurlyke Historie of uitvoerige Beschryving der Dieren, Planten en Mineralen (37 delen, 1761-1773). Dat Houttuyn een groot bewonderaar van L'Admiral was, spreekt uit zijn voorwoord:
"Weinige Liefhebbers geeven zich de moeite om dit behoorlyk na te spooren, en inderdaad, daar wordt een meer dan gemeene bekwaamheid, een onverbeeldelyk geduld, en eene weergalooze oplettendheid vereischt, om hier in te slaagen."
Naauwkeurige Waarneemingen bevat in totaal 33 koperplaten, die de metamorfose van 70 soorten dag- en nachtvlinders en andere vliegende insecten en hun waardplanten in hun natuurlijke omgeving tonen. Wie de inkleuring heeft verzorgd, is niet bekend, maar mogelijk was dit de koper zelf.

Hieronder drie platen van nachtactieve nachtvlinders uit de nieuwe aanwinst.
Plaat I: Pauwoogpijlstaart
In: Naauwkeurige Waarneemingen...etc.
Amsterdam: Johannes Sluyter, 1774

Kopergravure, ingekleurd
Vindplaats: KOD 042 N 02
Bovenstaande door L'Admiral met L'A.j. ondertekende plaat toont de Pauwoogpijlstaart. Deze nachtvlinder toont bij bedreiging de roze-rode achtervleugels met zwart-blauwe oogvlek om de aanvaller te verwarren.


Plaat XVIII: Meriansborstel
In: Naauwkeurige Waarnemingen... etc.
Amsterdam: Johannes Sluyter, 1774

Kopergravure, ingekleurd
Vindplaats: KOD 042 N 02
De Meriansborstel is vernoemd naar de vermaarde Duitse kunstenares en entomologe Maria Sibylla Merian. Met name de rups van deze soort is opvallend vanwege zijn kleurrijke en borstelige uiterlijk.


Plaat XXV: Blauw weeskind
In: Naauwkeurige Waarneemingen...etc.
Amsterdam: Johannes Sluyter, 1774

Kopergravure, ingekleurd
Vindplaat: KOD 042 N 02
Het Blauw weeskind was ook in de tijd van L'Admiral al een zeer zeldzame nachtvlinder. In zijn begeleidende tekst schrijft hij:
"Het Blaauwe Weeskind. Zo word deze ongemeen groote uil onder de Liefhebbers genoemd, en zy is zo raar, dat ik bygewoond heb, dat de eene Liefhebber den ander een Ducaton voor zulk een boodt, maar ze was 'er niet voor te koop... Met te zoeken heb ik 'er nog nooit een kunnen vinden, maar in het Jaar 1726, te Versailles, langs de Avenue de Seaux naar myn Huis gaande, viel onverwagt, uit een Popelier, vlak voor my neder, de groote Rups van deeze Uil."

Zie voor meer prachtige boeken met vlinders ons blog Zomerexpositie Vlinders van 9 juli 2014.

Vindplaats: KOD 042 N 02

maandag 5 maart 2018

Rico


Onlangs verscheen een onthullend boek van Leon Verdonschot over kickbokser Rico Verhoeven, een meeslepend en filmisch geschreven verhaal. Het gaat niet alleen over sportieve wilskracht en discipline, maar het is ook een ontroerend verslag over een andere strijd: het loskomen van je verleden. Rico heeft zich omhoog gevochten! Hij verslaat niet alleen zijn tegenstanders, maar ook zijn eigen verleden. Verdonschot volgde de populaire wereldkampioen een jaar lang intensief. Tijdens trainingen, wedstrijden en voorbereidingen daarvoor, thuis en in zijn vrije tijd. Hij sprak onder andere met familieleden, (jeugd)vrienden, trainers en medesporters. Hij geeft een onthullende blik op het persoonlijke leven van Rico. Voor het eerst wordt er verteld over de probleemjeugd van Verhoeven, zijn verstoorde relatie met zijn moeder en zijn relatie met zijn vader die hem de eerste jaren trainde, maar later uit het team werd gezet.

Signatuur: BRA H4 VERD 2017